+31 6 83 16 67 33 [email protected]
Top 10 feiten over senioren op de koopwoningmarkt. Maak eens een afspraak om uw eigen situatie te bespreken.

Top 10 feiten over senioren op de koopwoningmarkt. Maak eens een afspraak om uw eigen situatie te bespreken.

Top 10 feiten over senioren op de koopwoningmarkt

Bron: Kadaster 26 november 2019

Vergeet de koopstarters: de babyboomers komen eraan! Het aantal 75-plussers met een eigen woning verdubbelt tussen nu en 2035. Welke woningen verkopen ze? Lukt verhuizen? De 10 opvallendste feiten.

Vanaf 2020 komen er in 1 keer relatief veel ouderen bij: de babyboomers van 1945. Een groep om rekening mee te houden. De 10 opvallendste feiten uit onderzoek van het Kadaster, toegelicht door woningmarktexpert Paul de Vries.

  1. Het aantal woningen in bezit van 75-plussers verdubbelt tussen nu en 2035

“Er zijn 4,6 miljoen koopwoningen in Nederland. 525.000 daarvan zijn eigendom van 75-plussers. Van alle groepen woningeigenaren neemt het aandeel ouderen het sterkst toe. Tussen 2035 en 2040 hebben 75-plussers samen meer dan 1 miljoen woningen in bezit.”

  1. 75-plussers bezitten vooral woningen op het platteland en aan de kust

“In de kustgemeenten en de landelijke gemeenten hebben 75-plussers relatief de meeste woningen in bezit. Op Schiermonnikoog is dat aandeel het hoogst: bijna 27%! Het aandeel is het laagst in de Randstad, vooral in de jonge stad Almere. Daar woningen wel de babyboomers, maar niet hun ouders. De komende jaren stijgt juist het aandeel 75-plussers in Almere daarom het sterkst van de 80 grootste steden.”

  1. Het gaat vooral om oudere, vrijstaande woningen

“Senioren bezitten relatief veel vrijstaande woningen. Dit zijn vaak vooroorlogse woningen en jaren ’70 woningen. Ze bezitten bijna geen nieuwe woningen, gebouwd na 2010. Al die woningen komen allemaal op de markt wanneer de eigenaren overlijden. Op dit moment overlijden gemiddeld 100.000 ouderen per jaar; in 2040 zijn dat er 175.000.”

  1. Ouderen krijgen bij verkoop de laagste prijs, vanwege achterstallig onderhoud

“De jongste groep verkopers ontvangt gemiddeld het minste voor hun woning. Waarschijnlijk verkopen zij kleinere woningen. De gemiddelde prijs van een verkochte woning van een oudere eigenaar-bewoner ligt lager dan die van andere leeftijdsgroepen. Dit heeft zeer waarschijnlijk te maken met de staat van de woning. Vooral na hun 80ste vinden steeds meer eigenaar-bewoners zelf dat hun woning slecht onderhouden is.”

  1. Ze blijven gestaag verkopen en kopen, ook tijdens de crisis

“De verkopen door ouderen lijken minder gevoelig voor veranderingen in de woningmarkt. Tijdens de crisis bleven juist de ouderen in vergelijkbare mate woningen verkopen en kopen. Dat komt omdat ouderen geen tot weinig last hebben gehad van onzekerheden rondom hun inkomen door ontslag en omdat ze veel overwaarde op hun huis hebben. Ze bezitten een comfortabele financiële buffer.”

  1. Hoe ouder, hoe minder behoefte aan verhuizen 

“Rond de 24 procent van de eigenaren onder de 65 wil eventueel binnen 2 jaar verhuizen. Van de 90-plussers is dat slechts een magere 10 procent. Daarbij valt op dat hoe ouder een woningeigenaar is, hoe minder deze een geschikte woning zegt te kunnen vinden als hij wel wil verhuizen.”

  1. Tot 80 jaar kopen ouderen weer een andere woning, daarna huren ze liever

“Tot rond de 80 jaar, kiest het meerendeel van de eigenaar-bewoners na verhuizing wederom voor een koopwoning. Die voorkeur slaat om na 80 jaar. Van de 80 t/m 84-jarigen kiest bijna 60 procent voor een huurwoning.”

  1. Hoe ouder, hoe hoger de woonlasten 

“Of je nou veertiger bent of 75-plusser, het deel van je inkomen dat je als woningeigenaar uitgeeft aan wonen blijft ongeveer hetzelfde. Nu nemen de hypotheeklasten weliswaar af naarmate je ouder wordt, maar de overige lasten nemen relatief toe, vooral de stookkosten. Dat komt omdat we steeds langer thuis blijven wonen, maar ook omdat je als oudere simpelweg eerder koud hebt. Ook heeft de komende generatie ouderen meer aflossingsvrije hypotheken dan de huidige ouderen. Verder zal de komende generatie te maken krijgen met gasloos wonen, dus met investeringen in hun relatief wat oudere woningen. Dit zou voor stijgende woonlasten kunnen zorgen.”

  1. Woningen worden na overlijden later verkocht vanwege prijsstijgingen 

“Van 2009 t/m 2014 stijgt het aantal verkopen na overlijden; daarna daalt dit licht. Misschien houden erfgenamen de woning langer aan vanwege de stijgende woningmarktprijzen; hoe langer je wacht met verkopen, hoe hoger de mogelijk haalbare verkoopprijs.”

  1. Ouderen pakken bij verkoop niet volle winst van overwaarde

“Woning-eigenaren tussen de 75 en 80 bezitten iets meer dan 200 duizend euro aan overwaarde op het moment dat ze willen verhuizen. Hun WOZ-waarde is dus gemiddeld 200 duizend euro hoger dan het restant van hun hypotheekschuld. En toch pakken ze niet de volle winst, aangezien juist ouderen hun woning tegen een lagere prijs verkopen dan je kunt vragen als je kijkt naar de prijsontwikkeling. Verkopers onder de 65 maken bijvoorbeeld meer winst dan het Nederlands gemiddelde.”

Neem contact op met Elly

Kabinet: Bied meer ruimte aan senioren om hypotheek af te sluiten

Kabinet: Bied meer ruimte aan senioren om hypotheek af te sluiten

Het Kabinet, bij monde van minister Plasterk, heeft begin juli een indringend beroep gedaan op de financiële sector. Daardoor kunnen zij senioren meer mogelijkheden te bieden om een hypotheek senioren af te sluiten. In dit artikel gaan wij in op de achtergrond van deze oproep.

Veel voorkomende situaties

In het kader van hypotheken worden onder senioren verstaan, huishoudens waarbinnen een van de partners binnen nu en10 jaar de AOW-leeftijd bereikt. Als financieel adviseur komen wij binnen deze groep vaak een van de volgende situaties tegen:

  • Grondige verbouwing van de bestaande woning om deze voor de nieuwe levensfase van senior geschikt te maken.
  • Oversluiten van de bestaande hypotheek naar een hypotheek met een lagere rente, waardoor de maandelijkse woonlasten lager worden.
  • Verkoop bestaande (grote) woning en aankoop (kleinere) andere woning.
  • Het liquide maken van een deel van het in de woning opgesloten eigen vermogen om hiermee bijvoorbeeld extra zorgkosten te kunnen financieren.

Wettelijke grenzen aan financiering

Banken moeten rekening houden met wettelijke voorschriften met betrekking tot de maximale financiering die ze voor een hypotheek mogen verstrekken. Deze wettelijke eisen zijn ontwikkeld ter beperking van het risico dat consumenten meer lenen dan verantwoord is. Deze wettelijke grenzen zijn in hoofdzaak gebaseerd op drie uitgangspunten, te weten:

  • Het (toekomstig) inkomen van degene die de lening aangaat.
  • De gemiddelde uitgaven die de groep consumenten doet waartoe degene die de lening wil aangaan, behoort.
  • De waarde van de woning waarvoor een hypotheek wordt aangevraagd.

Maatwerk juist voor senioren mogelijk

De situatie van veel senioren is vaak anders dan waarvoor de wettelijke grenzen voor financiering zijn bedoeld. Bijvoorbeeld omdat er geen financiële buffer hoeft te worden opgebouwd om de lening te zijner tijd af te lossen. Omdat na overlijden de aflossing plaatsvindt uit de opbrengst van de verkoop van de woning. Of omdat de uitgaven voor levensonderhoud lager zijn dan waarvan de wettelijke normen uitgaan, waardoor de hypotheeklasten toch goed te dragen zijn.

Indien een individuele situatie kan worden vastgesteld dat de hypotheeklasten voor de senior nu en in de toekomst te dragen zijn, dan staan de wettelijke regels banken toe deze financiering te verstrekken. Ook wanneer het gaat om een bedrag dat hoger is dan uit de algemene wettelijke normen volgt.

Deze mogelijkheid vraagt bij veel banken wel om uitgebreide toelichting en onderbouwing. Niet elke geldverstrekker wil hieraan meewerken. Als uw belangenbehartiger zetten wij ons echter graag in om die hypotheek mogelijk te maken die verantwoord is. Misschien past deze niet binnen de algemene normen. Maatwerk mogelijk maken. Dat doen we goed en graag!

 

Blijverslening ook in Tilburg?

Blijverslening ook in Tilburg?

Blijverslening voor senioren

Tilburg gaat de mogelijkheden onderzoeken voor een zogeheten blijverslening voor senioren. Zij kunnen daarmee aanpassingen van hun woning financieren en langer zelfstandig blijven.
B en W reageren daarmee op een initiatiefvoorstel van Lokaal Tilburg. Omdat van ouderen wordt verwacht dat ze het zo lang mogelijk zelf redden, is de gemeente moreel verplicht hen te helpen, vindt deze partij. Ze stelt voor gebruik te maken van de mogelijkheden van het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten. Het college wil nu een breed onderzoek.

Brabants Dagblad 1 februari 2017

Senioren betalen teveel voor hun hypotheek

Senioren betalen teveel voor hun hypotheek

Senioren betalen teveel voor hun hypotheek

Uit een inventarisatie van Vereniging Eigen Huis (VEH) blijkt dat senioren steeds vaker onterecht extra voor hun hypotheek moeten betalen. Huiseigenaren met een bescheiden aflossingsvrije hypotheek, die vaak maar half zo hoog is als de waarde van hun woning. Betalen volgens Vereniging Eigen Huis ten onrechte een risico-opslag bovenop hun hypotheekrente.

Deze opslag kan oplopen tot 0,3 procent. Iemand met een hypotheek van 200.000 euro en een woning die 400.000 euro of meer waard is. Betaalt hierdoor elke maand, jaar in jaar uit, 50 euro extra rente aan zijn bank. De vereniging roept de banken op om deze opslag te schrappen. Steeds vaker berekenen geldverstrekkers een renteopslag bij een aflossingsvrije hypotheek. Ook als die veel kleiner is dan de waarde van de woning.

Vereniging Eigen Huis wordt hierover veel gebeld door verontwaardigde leden. “Hun boosheid is begrijpelijk, want voor een opslag ontbreekt iedere grond als er sprake is van een flinke overwaarde. Er is dan namelijk geen extra risico voor de bank, omdat de woning bij verkoop veel meer oplevert dan nodig is om de hypotheek af te lossen”, zegt Rob Mulder, directeur belangenbehartiging van Vereniging Eigen Huis.

Vooral hoger rendement

Banken en andere geldverstrekkers berekenen de renteopslag omdat dat er volgens hen bij alle aflossingsvrije hypotheken een extra hypotheekrisico zou bestaan. In tegenstelling tot een annuïteiten hypotheek waarop maandelijks wordt afgelost. Maar van een extra risico kan geen sprake zijn als de hypotheekschuld nog maar de helft of minder is van de actuele woningwaarde.

Volgens het CBS hebben huiseigenaren van 60 jaar en ouder een gemiddelde woningwaarde van 300.000 euro. En een hypotheek van 137.000 euro. Bij verkoop levert het huis dus ruim het dubbele op van de uitstaande hypotheekschuld. De vereniging vermoedt dan ook dat banken de renteopslag niet zozeer nodig hebben om een hypotheekrisico mee af te dekken. Maar vooral gebruiken om het rendement op hypotheken mee te verhogen.

Alsnog aflossen soms onverstandig

Vereniging Eigen Huis ziet dat banken de renteopslag ook gebruiken om klanten te stimuleren om alsnog te gaan aflossen, door hun aflossingsvrije hypotheek om te zetten naar een annuïteitenhypotheek. Vooral voor oudere huiseigenaren met een relatief lage hypotheek, die de helft of minder bedraagt van de woningwaarde, is dit meestal niet zinvol of zelfs af te raden.

Het gevolg is dat vooral de maandelijkse hypotheeklasten fors gaan stijgen, terwijl er meestal al meer dan voldoende overwaarde is. Bovendien kan het geld dat in de aflossing van de hypotheek wordt gestopt kan niet meer worden opgenomen, bijvoorbeeld voor een noodzakelijke verbouwing om langer in het eigen huis te kunnen blijven wonen.

19 maart 2016, VEH

Senioren willen wel verhuizen, maar doen het niet.

Senioren willen wel verhuizen, maar doen het niet.

Senioren verhuizen blijven plakken in hun onaangepaste huis, zelfs als ouderdom en ziekte op de loer liggen. Dat blijkt uit onderzoek van de ANBO en woonorganisatie Woonz onder ruim 12.000 mensen. Veel ouderen vinden verhuizen een te grote stap, maar belemmeren zo de doorstroming.

,,Ik ben begin 60 en om gezondheidsredenen – hart- en rugproblemen – zou ik graag naar een gelijkvloerse woning verhuizen,” vertelt Astrid de Vries uit Enschede. ,,Maar wat ons tegenhoudt: hoge huren.”

Net als veel 50-plussers hebben mevrouw De Vries en haar man momenteel een zeer fijne koopwoning met lage lasten, vanwege de kleine hypotheek. Bij het huren van een duur appartement zouden hun maandlasten zo hoog worden, dat die stap niet erg aantrekkelijk is.

Daarnaast zouden we ons huis ook nog moeten zien te verkopen. Een uitermate onzekere factor, zelfs al trekt de markt een beetje aan. En woningaanpassingen, zoals een traplift, zijn zeer duur en niet praktisch bij onze woning.”

Nadenken

Uit nieuw onderzoek van ouderenbeweging ANBO en woonorganisatie Woonz blijkt dat twee op de drie ouderen wel eens nadenken over verhuizen naar een seniorenwoning, maar toch komen veruit de meesten van hen (86 procent) niet in beweging.

Deze twijfelende senioren houden gezinswoningen ‘bezet’, terwijl ze daar alleen of hooguit met een partner leven. ,,Er zijn lange wachtlijsten voor jonge gezinnen die dolgraag een sociale huurwoning zouden willen,” vertelt Woonz-directeur Annemiek Schut. ,,Maar in tegenstelling tot studenten, die moeten verhuizen als ze klaar zijn, mogen ouderen gewoon blijven zitten in zo’n gezinswoning als hun kinderen het huis uit zijn. Dat vind ik verbazingwekkend.”

Senioren lopen tegen verschillende obstakels aan wanneer ze een verhuizing overwegen. Ze verkassen bijvoorbeeld niet om financiële redenen of geven aan dat er in de eigen woonplaats geen passend woningaanbod is. Ook het sociale element speelt mee: veel ouderen willen hun eigen buurtje met veel sociale contacten niet achterlaten.

,,Mensen zien veel beren op de weg,” constateert ANBO-directeur Liane den Haan. ,,Een derde wil pas over een verhuizing nadenken als het echt noodzakelijk is. Dan komen ze te laat in actie. Er spelen al vaak fysieke beperkingen of aandoeningen en het is dan veel moeilijker om een geschikte woning te zoeken.”

Traplift

Opvallend weinig mensen (24 procent) overwegen om hun huidige woning aan te laten passen, bijvoorbeeld door installatie van een trap-lift of hulpmiddelen in de badkamer. ,,Niet iedereen kan dat zelf betalen,” verklaart Den Haan.

,,Uit eerder onderzoek van ANBO blijkt dat gemeenten woningaanpassingen vaak niet meefinancieren uit de Wmo, terwijl ze dat wel mógen aanbieden. Veel mensen zien er dan maar van af. Zo kan er een onveilige woonsituatie ontstaan.”

Volgens Schut werpt de overheid een soort taboe op over verhuizen door ‘langer thuis wonen’ te promoten. ,,Dat betekent niet altijd langer in hetzelfde huis. Je kan je thuis verplaatsen!”

Schut: ,,Senioren willen weten of er mogelijkheden zijn om de kleinkinderen te laten logeren. Of er oplaadpunten voor de mobiele scooter zijn. Of er in de buurt yogalessen worden gegeven. Die helderheid en dat overzicht moet je ze geven bij de zoektocht naar een nieuw thuis.”

Astrid de Vries ziet dat het woningaanbod voor senioren slecht is in Enschede. ,,Er is wel wat aanbod maar dat is zeer duur. Dan komen de zorgkosten er nog bij! Dus: ik moet zo lang mogelijk thuis blijven wonen, maar dat wordt echt moeilijk gemaakt. Ik ben afhankelijk van mijn man, want ik heb geen vrienden of familie in de buurt. Als er dus iets gebeurt met hem, dan zit ik thuis in een benarde situatie.”

Bron: AD.