+31 6 83 16 67 33 elly@50plusmakelaar.nl
Wie beslist over de aankoop van een woning?

Wie beslist over de aankoop van een woning?

Je huis verkopen? De vrouw beslist over de aankoop!

 (En…..Dan kies je natuurlijk ook een vrouwelijke makelaar!!)

Wist je dat voor meer dan 90% vrouwen beslissend zijn bij de aankoop van een nieuwe woning? (bron: gendermarketing.nl) Zeker iets om rekening mee te houden wanneer je plannen hebt je huis te verkopen. ‘Vrouwen komen van Venus en mannen van Mars’, ze vinden andere aspecten belangrijk aan een nieuw huis.

Zonder al te veel te generaliseren, zijn mannen technischer ingesteld dan vrouwen. Zij zijn veel meer geïnteresseerd in de specificaties van een huis, zoals de totale vloeroppervlakte, de prijs per kubieke meter, etc.

Bij vrouwen draait het niet alleen om de ‘harde stenen’. Zij zijn in het algemeen veel gevoeliger voor de sfeer van een woning, de praktische indeling en de omgeving van een huis. Het is slim om met deze 3 aspecten rekening te houden met de presentatie van je woning, wanneer je die gaat verkopen.

Want uiteindelijk blijkt uit onderzoek dat de vrouw de beslissende factor is wanneer het gaat om de aankoop van een woning.

Bron:  weblog Liesbeth Oldeman, vastgoedpresentatatie-specialist.

Levenskunst voor wie goed oud wil worden

Levenskunst voor wie goed oud wil worden

Ouder worden en goed oud zijn is vandaag een belangrijk thema, niet alleen in het leven van de individuele ouderen maar ook in de soms complexe samenleving. Steeds meer mensen leven langer, ook in Moergestel, Oisterwijk, Heukelom en in de omliggende gemeenten. Wie positief denkt over ouder worden, leeft gemiddeld 7,5 jaar langer dan doemdenkers, het is een levenskunst. Die boude uitspraak doet André Aleman, hoogleraar neuropsychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en auteur van het boek Het seniorenbrein.

Zes samenwerkende organisaties uit Oisterwijk behartigen en (h)erkennen hoe boeiend het kan zijn om bewust de levensfase van het ouder worden in te gaan, ook al kent deze fase naast haar rijkdom ook haar moeilijkheden en ongemakken. Vanuit de voorbije geslaagde lezingen en filmvoorstellingen in voorgaande jaren, biedt de werkgroep “Levenskunst voor wie goed oud wil worden” in 2015 drie speciale voor dit thema gekozen filmvoorstellingen aan. Elke film wordt vertoond in een matinee- en avondvoorstelling. Na elke film is er zoals gewoonte een nabespreking in dialoogvorm met kleine groepjes onder leiding van deskundige gespreksleiders.

Welkom, het doek gaat open

Eerste film: On Golden Pond Regisseur: Mark Rydell Oscarwinnaar: Bekroond met drie Oscars bij de 54ste uitgave. Beste mannelijke en vrouwelijke hoofdrol en beste scenario. In de hoofdrollen onder meer Henry Fonda, Katharine Hepburn en Jane Fonda.

Het verhaal: Het echtpaar Ethel en Norman Thayer verblijven in hun zomerhuisje bij Golden Pond in New England. Wanneer Norman 80 jaar wordt komt hun dochter Chelsea op bezoek in het zomerhuisje. Zij komt niet alleen, maar met haar nieuwe vriend Bill en zijn ‘lastige’ zoontje Billy. Chelsea en Bill vertrekken om een tijd samen te kunnen zijn en vragen of Ethel en Norman gedurende die periode zorg willen dragen voor Billy. Na een periode van strubbelingen en verzet van de jonge Billy groeit er een diepe band tussen Billy en het oudere echtpaar. In het bijzonder de band tussen Norman en Billy wordt heel hecht. Een band waar dochter Chelsea altijd naar verlangd heeft. Ook Norman ontdekt hoeveel hij gemist heeft in de relatie met zijn dochter. Een film die ons veel kunnen leren over wat het betekent samen ouder te worden. Maar ook over de omgang tussen de verschillende generaties. Een film die al oud is maar nog steeds kan ontroeren en ons iets te zeggen heeft. Vervolg op het witte doek.

Praktische info:
Wanneer: Maandag 20 april
Waar:De Voorhof, Kerkstraat 64, Oisterwijk.
Entree: € 4,- ( Welkomstdrankje inbegrepen)
Eenmalige voor de drie films: samen: 10 euro
Aanvang middagvoorstelling: 14.00 uur
Aanvang avondvoorstelling: 19.30 uur
Zaal open 30 minuten vooraf.
Meer info zie: www.metgezelinzingeving.com

Noteer nu reeds in de agenda:
Donderdag 21 mei tweede film: Spring, Summer, Fall, Winter.
Maandag 8 juni derde film: Departures

Bron: Oisterwijk Nieuws

Senioren willen wel verhuizen, maar doen het niet.

Senioren willen wel verhuizen, maar doen het niet.

Senioren verhuizen blijven plakken in hun onaangepaste huis, zelfs als ouderdom en ziekte op de loer liggen. Dat blijkt uit onderzoek van de ANBO en woonorganisatie Woonz onder ruim 12.000 mensen. Veel ouderen vinden verhuizen een te grote stap, maar belemmeren zo de doorstroming.

,,Ik ben begin 60 en om gezondheidsredenen – hart- en rugproblemen – zou ik graag naar een gelijkvloerse woning verhuizen,” vertelt Astrid de Vries uit Enschede. ,,Maar wat ons tegenhoudt: hoge huren.”

Net als veel 50-plussers hebben mevrouw De Vries en haar man momenteel een zeer fijne koopwoning met lage lasten, vanwege de kleine hypotheek. Bij het huren van een duur appartement zouden hun maandlasten zo hoog worden, dat die stap niet erg aantrekkelijk is.

Daarnaast zouden we ons huis ook nog moeten zien te verkopen. Een uitermate onzekere factor, zelfs al trekt de markt een beetje aan. En woningaanpassingen, zoals een traplift, zijn zeer duur en niet praktisch bij onze woning.”

Nadenken

Uit nieuw onderzoek van ouderenbeweging ANBO en woonorganisatie Woonz blijkt dat twee op de drie ouderen wel eens nadenken over verhuizen naar een seniorenwoning, maar toch komen veruit de meesten van hen (86 procent) niet in beweging.

Deze twijfelende senioren houden gezinswoningen ‘bezet’, terwijl ze daar alleen of hooguit met een partner leven. ,,Er zijn lange wachtlijsten voor jonge gezinnen die dolgraag een sociale huurwoning zouden willen,” vertelt Woonz-directeur Annemiek Schut. ,,Maar in tegenstelling tot studenten, die moeten verhuizen als ze klaar zijn, mogen ouderen gewoon blijven zitten in zo’n gezinswoning als hun kinderen het huis uit zijn. Dat vind ik verbazingwekkend.”

Senioren lopen tegen verschillende obstakels aan wanneer ze een verhuizing overwegen. Ze verkassen bijvoorbeeld niet om financiële redenen of geven aan dat er in de eigen woonplaats geen passend woningaanbod is. Ook het sociale element speelt mee: veel ouderen willen hun eigen buurtje met veel sociale contacten niet achterlaten.

,,Mensen zien veel beren op de weg,” constateert ANBO-directeur Liane den Haan. ,,Een derde wil pas over een verhuizing nadenken als het echt noodzakelijk is. Dan komen ze te laat in actie. Er spelen al vaak fysieke beperkingen of aandoeningen en het is dan veel moeilijker om een geschikte woning te zoeken.”

Traplift

Opvallend weinig mensen (24 procent) overwegen om hun huidige woning aan te laten passen, bijvoorbeeld door installatie van een trap-lift of hulpmiddelen in de badkamer. ,,Niet iedereen kan dat zelf betalen,” verklaart Den Haan.

,,Uit eerder onderzoek van ANBO blijkt dat gemeenten woningaanpassingen vaak niet meefinancieren uit de Wmo, terwijl ze dat wel mógen aanbieden. Veel mensen zien er dan maar van af. Zo kan er een onveilige woonsituatie ontstaan.”

Volgens Schut werpt de overheid een soort taboe op over verhuizen door ‘langer thuis wonen’ te promoten. ,,Dat betekent niet altijd langer in hetzelfde huis. Je kan je thuis verplaatsen!”

Schut: ,,Senioren willen weten of er mogelijkheden zijn om de kleinkinderen te laten logeren. Of er oplaadpunten voor de mobiele scooter zijn. Of er in de buurt yogalessen worden gegeven. Die helderheid en dat overzicht moet je ze geven bij de zoektocht naar een nieuw thuis.”

Astrid de Vries ziet dat het woningaanbod voor senioren slecht is in Enschede. ,,Er is wel wat aanbod maar dat is zeer duur. Dan komen de zorgkosten er nog bij! Dus: ik moet zo lang mogelijk thuis blijven wonen, maar dat wordt echt moeilijk gemaakt. Ik ben afhankelijk van mijn man, want ik heb geen vrienden of familie in de buurt. Als er dus iets gebeurt met hem, dan zit ik thuis in een benarde situatie.”

Bron: AD.

Ook serviceflats in de regio Tilburg-Oisterwijk weer in trek.

Ook serviceflats in de regio Tilburg-Oisterwijk weer in trek.

Serviceflat Tilburg – Oisterwijk wordt weer populairder

De serviceflat Tilburg is nog lastig te verkopen, maar wordt populairder. Van de senioren overweegt 20 procent er te gaan wonen.

De serviceflat is weer in trek. Een vijfde van de Neder­landse 50-plussers overweegt er later naar te verhuizen. Dit blijkt uit een onderzoek dat vandaag naar buiten wordt gebracht door ActiZ, de koepel voor zorgorgani­saties.

Momenteel zijn serviceflats uit de jaren ’60 en ’70 voor veel erfgena­men een blok aan het been. Ze zijn lastig te verkopen door de ho­ge servicekosten.

In een moderner jasje maakt de flat volgens ActiZ wel weer volop kans: 19 procent van de ouderen ziet er een goed alternatief in voor het verzorgingshuis.

In de serviceflat kunnen ze op zichzelf wonen, maar toch be­schut. De opzet moet dan wel ver­anderen, met meer huur- in plaats van koopflats en behalve een gezamenlijke klussendienst, ook zorginkoop voor iedereen.

Uit het onderzoek blijkt dat 57 procent van de 50-plussers een verhuizing in de toekomst over­weegt.

Bijna één op de tien 75-plussers is aan het informeren. Het gros wil kleiner en goedkoper wonen. De meesten zoeken een huis met 500 tot 750 euro aan woonlasten. Een woning met drie kamers van 80 tot 110 vierkante meter is het ide­aal. Ze mikken vooral op verhui­zing naar een aanleunwoning (21 procent) of seniorenwoning (29 procent). Volgens woordvoerster Bernadet Naber van ActiZ is dat omdat ze die kennen.

Nieuwe woonvormen, zoals initia­tieven waarbij vrienden samen iets bouwen, zijn tamelijk onbe­kend, leert het onderzoek. Zo weet slechts 14 procent van de 50-plussers wat een kangoeroewo­ning is: een aanbouw bij het huis van een familielid. Daardoor slechts 18 pro­cent weet wat een (tijdelijke) mantelzorgwoning is. Even groot is de groep die bekend is met hof­jes waar ouderen bij elkaar wo­nen en samen diensten en zorg in­kopen. Zij die het fenomeen ken­nen, zijn enthousiast: 11 procent wil er wel oud worden. „Bekend maakt bemind”, stelt Naber.

Voor diensten als klusjes willen senioren hooguit 100 euro per maand uitgeven. Ze willen geen abonnement, maar per keer voor diensten betalen.

Volgens de Raad voor de Leefom­geving en Infrastructuur moeten de komende vijf jaar 100.000 se­niorenwoningen worden ge­bouwd of aangepast om in de be­hoefte te voorzien. Volgens Naber is er vooral behoefte aan diversi­teit.

Bron: Brabants Dagblad, Wilma de Cort.

‘Huizenprijzen stijgen komende 10 jaar niet veel’

‘Huizenprijzen stijgen komende 10 jaar niet veel’

De komende tien jaar zullen de prijzen van woningen ‘een stuk’ minder hard in prijs stijgen dan in de afgelopen decennia.

Dat schrijft ING Economisch Bureau in een rapport. Tussen 1970 en 2014 werden huizen per jaar gemiddeld 5,6 procent duurder. Tot en met 2025 zal dat maar een procent of twee zijn.

Marieke Blom, hoofdeconoom ING Nederland, spreekt van een ‘historisch gezien matige prijsstijging’.

‘Geen gouden jaren’

Ook in de grote steden keren de gouden jaren niet terug. De huizenprijzen zullen er wel meer stijgen dan in de rest van Nederland. Veel huizenbezitters, ING spreekt van een substantiële groep, hoeven er volgens ING helemaal niet op te rekenen dat hun huis de komende tien jaar duurder wordt. ”Voor veel Nederlanders zal het eigen huis daarmee haar gouden glans als investering verliezen”, aldus ING.

De matige prijsstijging van koopwoningen die ING voorziet, wordt vooral toegeschreven aan de vergrijzing, strengere financieringsregels, minder hypotheekrenteaftrek en toenemende inkomensschommelingen. Daar staat wel tegenover dat huren duurder wordt en dat de bouw van nieuwe woningen de eerste jaren achterblijft. Per saldo blijft een ‘slechts gematigde’ prijsstijging over.

In de grote steden in Nederland zal het beeld wat positiever zijn. ING spreekt van een ‘aardige groei’ van de huizenprijzen. Maar ook daar zal de stijging achterblijven bij de prijsontwikkeling van de afgelopen decennia. De steden blijven hun aantrekkingskracht uitoefenen op starters en gezinnen blijven er vaker wonen, legt Blom uit. De koopkracht in de steden ontwikkelt zich daardoor relatief gunstig. Ook de stijgende huren zullen vooral in de steden aanzetten tot kopen, aldus Blom.

Randen van het land

Aan de randen van Nederland is de verwachte ontwikkeling juist omgekeerd. De vergrijzing slaat daar harder toe. Het aantal huishoudens groeit minder hard en in de huizen wonen vaker ouderen samen of alleen, nadat hun kinderen het huis uit zijn. “Deze groep huizenbezitters heeft vaak al veel afgelost en relatief goedkoop gekocht. Dat leidt ertoe dat zij of hun nabestaanden bij verkoop sneller bereid en in staat zullen zijn om in prijs te zakken”, aldus Blom.

De komende tien jaar ontwikkelt de vraag naar kleinere woningen zich gunstiger dan die naar grotere woningen. Het aantal kleine huishoudens groeit, terwijl het aantal gezinnen afneemt. Daar bovenop komt de beperkingen in de hypotheekrenteaftrek. Die raakt voornamelijk huizenbezitters met hogere inkomens, die vaak een duurder huis bezitten of zouden willen kopen. Daardoor ontwikkelen de prijzen van grotere en duurdere woningen zich minder gunstig,

 

 

Ongevraagd een dubieus energielabel?

Ongevraagd een dubieus energielabel?

Ongevraagd een dubieus energielabel?

Voor de verkoop van een huis is sinds 1 januari een energielabel vereist. Op het onbetrouwbare etiket is kritiek. Wat u in elk geval moet weten. ‘Diefstal’, ‘chantage’, ‘oplichterij’. Op sociale media regent het verwensingen aan het adres van het nieuwe, voorlopige energielabel, waarover de rijksoverheid momenteel miljoenen huiseigenaren per brief informeert. Aan de toekenning van deze voorlopige energielabels – VVD-minister Stef Blok van Wonen is ervoor verantwoordelijk – is geen serieus onderzoek van de overheid voorafgegaan.

Op basis van een globale inschatting (denk aan het bouwjaar) zijn huizen ingedeeld in categorieën van A tot en met G, net als bij huishoudelijke apparaten en auto’s. Een A staat voor zeer laag energieverbruik, een G voor hoog energieverbruik. Uit reacties op sociale media blijkt de inschatting van het energielabel in nogal wat gevallen niet meer dan nattevingerwerk. ‘Toch fijn als je compleet gerenoveerde en geïsoleerde woning #energielabel G krijgt,’ klaagt een huiseigenaar uit Amsterdam op Twitter. ‘Volgens het energielabel woon ik nog net niet in een plaggenhut,’ twittert een docente uit Gouda. Een woordvoerder van het ministerie zei dat het voorlopige energielabel bewust conservatiever is ingeschat, om huiseigenaren aan te zetten tot extra investeringen in bijvoorbeeld de isolatie van hun huis.

Energielabel.

Wie het niet eens is met de schatting van het voorlopige energielabel, moet zelf aantonen dat zijn huis energiezuiniger is. Het voorlopige label kan met dat tegenbewijs worden omgezet in een aangepast, definitief energielabel. Dat label is tien jaar geldig. Hoe betuttelend de hele operatie ook lijkt, een vrijblijvende exercitie is het door Brussel bedachte label niet: sinds 1 januari moeten alle huiseigenaren die hun huis verkopen of verhuren een definitief energielabel kunnen laten zien, op straffe van een boete die kan oplopen tot 405 euro.

Controleurs van de Inspectie Leefomgeving en Transport zullen nagaan of verkochte, verhuurde en opgeleverde huizen wel een definitief label hebben. Goed om te weten: wie niet van plan is om zijn huis binnenkort te koop te zetten of te verhuren, hoeft geen actie te ondernemen. Gezien alle kritiek op het label, in de samenleving en in de Tweede Kamer. Is het sowieso de vraag of het een lang leven beschoren is. Het omzetten van een voorlopig in een definitief energielabel kost bovendien geld. ‘Voor de registratie van het energielabel betaalt u naar verwachting enkele tientallen euro’s administratiekosten,’ staat te lezen in de brochure van het ministerie van Blok die samen met het voorlopige energielabel wordt thuisbezorgd. Huiseigenaren moeten daarvoor foto’s van dubbel glas, een rekening van een hoogrendementsketel en ander bewijsmateriaal uploaden op de website www.energielabelvoorwoningen.nl.

DigiD

Gegevens uploaden kan overigens alleen als de huiseigenaar in het bezit is van een DigiD-code. Wie die persoonlijke inlogcode voor overheidswebsites nog niet heeft, moet die eerst aanvragen op de website www.digid.nl. Vervolgens moet de woningbezitter online uit een lijst met deskundigen een expert kiezen die de geüploade gegevens op afstand controleert. Ook dan is er dus geen sprake van een onderzoek ter plekke. Die onlineregistratie en -controle maken het energielabel gevoelig voor fraude. Een ‘groen’ label kan gunstig zijn bij de verkoop van een huis, maar foto’s van modern dubbel glas in ramen kunnen net zo goed bij buren of kennissen zijn genomen.

De rekening van een hogerendements-cv-ketel kan zijn gefotoshopt. De vraag is daarnaast hoeveel tijd de experts hebben om alle aangeleverde gegevens van huiseigenaren te controleren. Het is iets waarop ook kopers van huizen bedacht moeten zijn. Als het label wel klopt, is het voor de koper ook niet meer dan een indicatie. Het kan zinvoller zijn om bij de oude bewoners een energienota op te vragen. Ook de hoogte van het maandelijks voorschot geeft een goede indicatie van het energieverbruik. Want dat is volgens de overheid het belangrijkste voordeel van een huis met een gunstig energielabel. ‘Dat u bespaart op uw energierekening’. Alleen is het label een wel erg bureaucratische en onvriendelijke manier om dat doel te bereiken.

Bron: Jean Dohmen, Elsevier